Prostaatkanker en erfelijke aanleg

Waarom mensen kanker krijgen en anderen niet, is meestal niet bekend. Soms ligt de oorzaak wél voor de hand. Bijvoorbeeld als mensen een aangeboren genmutatie hebben. Door dit foutje in een gen, kan iemand een verhoogd risico op kanker hebben. Er is steeds meer aandacht voor prostaatkanker die is veroorzaakt door zo’n genfout. Weten dat je hier drager van bent en daardoor dus aanleg hebt voor het krijgen van kanker, is heel belangrijk. Het heeft gevolgen voor je familieleden en in de toekomst misschien ook voor je behandeling.

Jaarlijks wordt bij ongeveer 10.000 mannen prostaatkanker vastgesteld. Vóór het zestigste jaar is prostaatkanker relatief zeldzaam. Daarna komt de ziekte steeds meer voor.

Het zit in de genen

In iedere cel zitten chromosomen. Deze bestaan uit een stof die DNA wordt genoemd. In dit DNA zit een soort ‘code’ waarin al onze erfelijke eigenschappen zijn vastgelegd. Een gen is een stukje DNA en elk gen is verantwoordelijk voor een specifieke functie of eigenschap. Elk gen bepaalt mee hoe je eruit ziet, hoe je lichaam werkt of hoe je bent. Er kunnen tijdens het leven foutjes in het DNA ontstaan en sommige genen vertellen het lichaam hoe schade aan DNA gerepareerd moet worden. Deze DNA-schade kan ontstaan door invloeden van buitenaf, zoals roken of UV-straling. Als een gen in een cel beschadigd is, is dat meestal niet zo erg, want dat repareert het lichaam gewoon zelf. Dit wordt geregeld door de DNA-reparatiegenen. Als een DNA-fout niet gerepareerd kan worden, zorgen andere genen ervoor dat die cel afsterft. Niets aan de hand, want er ontstaat gewoon weer een nieuwe cel die de taak van de oude overneemt. Soms kan de cel met DNA-fouten overleven en blijft deze delen. Dit hele proces is erg belangrijk, want als een beschadigde cel blijft delen , wordt het een tumor. Prostaatkanker start bijvoorbeeld met een prostaatcel, die ooit verkeerd is gaan delen en niet door het lichaam is opgeruimd. Fouten in het DNA bij celdeling ontstaan vaker als mensen ouder worden en als het lichaam vaker geconfronteerd wordt met kankerverwekkende invloeden. Wat de directe oorzaak is van DNA-fouten die tot kanker leiden is meestal niet te zeggen.

BRCA1 en BRCA2

De bekendste DNA-reparatiegenen zijn het BRCA1– en BRCA2-gen (BCRA staat voor Breast Cancer). Als er een fout in een BRCA1- of BRCA2-gen zit, kunnen cellen niet goed meer functioneren. De schatting is dat één op de vijfhonderd mensen drager is van een BRCA1- of BRCA2-mutatie. Bij mensen met Ashkenazi Joodse roots is dat één op de veertig. Vrouwen met die mutatie hebben een risico van 60 tot 80 procent om in hun leven borstkanker te krijgen en 10 tot 45 procent om in hun leven eierstokkanker te krijgen. Voor mannen liggen de risico’s op kanker door die mutatie een stuk lager, maar inmiddels is wel bekend dat een BRCA2-mutatie het risico op prostaatkanker verhoogt.

Een genmutatie kun je van je vader of moeder erven. Een mutatie kan ook spontaan ontstaan, maar dat is bij BRCA1 en BRCA2 heel zeldzaam. Elk kind van een ouder met een erfelijke genmutatie heeft zelf vijftig procent kans om deze te erven. Als er een mutatie in je familie zit, kom je in aanmerking voor DNA-onderzoek. Zo kun je ontdekken of je die mutatie zelf ook hebt.

Bij mannen die drager zijn van een mutatie in het BRCA2-gen zijn inmiddels aanwijzingen dat het risico op prostaatkanker aanzienlijk hoger ligt dan bij mannen zonder mutatie, namelijk tussen de 15 en 25 procent.

Gezonde mannen met een BRCA-mutatie

Bij mannen die drager zijn van een mutatie in het BRCA2-gen zijn inmiddels aanwijzingen dat het risico op prostaatkanker aanzienlijk hoger ligt dan bij mannen zonder mutatie, namelijk tussen de 15 en 25 procent. Momenteel wordt er gediscussieerd tussen klinisch genetici, urologen, Prostaatkankerstichting en Oncogen. Het lijkt de moeite waard om bij mannen met een BRCA2-mutatie screening op prostaatkanker op te starten.

Het advies wordt voor mannen met een BRCA2-mutatie waarschijnlijk om op de leeftijd van 50 jaar te starten met screening. Als er op jonge leeftijd prostaatkanker voorkomt in de familie, wordt geadviseerd vijf jaar eerder dan de jongst gediagnosticeerde prostaatkankerpatiënt in de familie te starten met screening. Deze  bestaat uit elke twee jaar bloedonderzoek, waarbij PSA bepaald wordt, plus inwendig onderzoek (rectaal toucher). Dit kan bij de huisarts. Bij verdenkingen wordt de patiënt doorgestuurd naar de uroloog.

Voor mannen die drager zijn van een BRCA1-genmutatie is het nog niet geheel duidelijk of er een verhoogd risico is. Dat lijkt niet zo te zijn. Voor deze groep is er dan ook geen screeningsadvies.

Prostaatkanker, zou er erfelijke aanleg kunnen zijn?

Bij ongeveer 5 tot 10 procent van alle patiënten met prostaatkanker is sprake van erfelijke of familiaire aanleg. Heel exacte getallen over Nederland zijn er niet. Mutaties in BRCA1 en BRCA2 zijn niet de enigen die een rol kunnen spelen. Er kan ook sprake zijn van een andere mutatie. Dat er erfelijke of familiaire aanleg is, betekent niet altijd dat er ook een genmutatie gevonden wordt.

Als bij meerdere familieleden prostaatkanker voorkomt, als er bij verwanten eierstokkanker voorkomt, als er borstkanker voorkomt bij mannen of als er borstkanker voorkomt bij vrouwen onder de 50 (of 60 als ze triple negatieve borstkanker hebben) kan er sprake zijn van erfelijke aanleg.

Wanneer is er reden voor genetisch onderzoek?

Als er bij meerdere familieleden prostaatkanker voorkomt, als er bij verwanten eierstokkanker voorkomt, als er borstkanker voorkomt bij mannen of als er borstkanker voorkomt bij vrouwen onder de 50 (of 60 als ze triple negatieve borstkanker hebben) kan er sprake zijn van erfelijke aanleg. Er is een vermoeden dat ook bij mannen met uitgezaaide of agressieve prostaatkanker vaker een mutatie zou kunnen voorkomen. Op dit moment zijn de exacte criteria nog niet goed te geven. Overleg daarom met de huisarts of uroloog. Deze kan ook altijd een klinisch geneticus raadplegen.

Waarom zou je het willen weten?

Weten dat er een BRCA-mutatie in de familie zit is best een last, maar het biedt familieleden wel de mogelijkheid om borstkanker en prostaatkanker vroeg op te sporen en borstkanker en eierstokkanker tijdig te behandelen of zelfs te voorkomen. Ook geeft het voor prostaatkankerpatiënten mogelijk behandelopties.

Kunnen gezonde mensen die getest zijn op erfelijke aanleg voor kanker nog wel een hypotheek krijgen?

Het is één van de hardnekkige mythes dat gezonde mensen die getest zijn geen overlijdensrisicoverzekering of hypotheek meer kunnen krijgen. Voor de meeste mensen blijkt dit echter geen probleem. Vragen naar erfelijke aanleg onder de vragengrens van 278.004 euro, preventieve operaties en controles hoef je niet te melden op de Gezondheidsverklaring. Hier vind je meer informatie.

Wat zijn de behandelopties bij kanker die is veroorzaakt door een BRCA-mutatie?

In kankercellen werkt soms één van de DNA-reparatiemechanismen niet goed. Dat zou voor de behandeling van de kanker zelf wel eens een voordeel kunnen zijn. Met chemotherapie wordt schade aangericht aan kankercellen. Een eiwit genaamd PARP (staat voor “poly ADP ribose polymerase”) speelt een rol bij de DNA-reparatie. Momenteel worden er geneesmiddelen onderzocht die PARP remmen. Deze PARP-remmer versterkt de werking van de chemotherapie en deelt als het ware een extra klap uit aan de kankercel. PARP-remmers zijn mogelijk ook zonder chemotherapie veelbelovend zijn voor BRCA-gerelateerde kanker.